‘Ode to Cynthia’

Mike Oldfield nam in 1978 het dubbelalbum ‘Incantations’ op. Het is in muzikaal opzicht een ontwikkeling op zijn eerdere albums (‘Tubular Bells’, ‘Hergest Ridge’ en ‘Ommadawn’) in die zin dat het minder divers is, en toch langer. Het is meer een variatie op een thema dan een aaneenrijgen van thema’s, melodieën en ideeën. Zijn de eerdere albums afwisselender, ‘Incantations’ heeft een grotere spanningsboog en is intenser doordat Oldfield de diepte inspringt en zijn thematisch materiaal uitpluist tot in de verste hoeken. Een enigszins afwijkende, maar grondige bespreking van het album vind je hier.

Het album eindigt met de ‘Ode to Cynthia’ van de 16e/17e eeuwse dichter Ben Jonson. ‘Cynthia’ is ook wel ‘Diana’, de godin van de jacht en van de maan. Het is de moeite waard de volledige tekst over te nemen:

Queen and huntress, chaste and fair,
Now the sun is laid to sleep,
Seated in thy silver chair,
State in wonted manner keep.

Earth, let not thy envious shade
Dare itself to interpose;
Cynthia’s shining orb was made
Heaven to cheer when day did close.

Lay thy bow of pearl apart,
And thy crystal-shining quiver,
Give unto the flying hart
Space to breathe, how short soever.

Hesperus entreats thy light,
Goddess excellently bright.
Bless us then with wished sight
Thou that mak’st a day of night.

Hij ziet er verbazend modern uit. Jonson leefde van 1572 tot 1637 en was dus deels een tijdgenoot van William Shakespeare. Hij schreef satirische stukken (‘The devil is an ass’ springt er wat mij betreft uit als titel) die draaien om hypocrisie, corruptie en de manieren waarop mensen er in slagen elkaar te besodemieteren. Niks nieuws onder de zon.
De waardering voor kunstenaars wil nog wel eens fluctueren naar de mode van de tijd. Jonson was immens populair in de zeventiende en achttiende eeuw, werd minder populair in de romantische negentiende eeuw toen hij nogal onterecht tegen Shakespeare’s romantische genie werd afgezet en beleefde in de twintigste eeuw een relatieve herwaardering.

Het album van Mike Oldfield draait tekstueel om Diana. Op kant 1 (als we uitgaan van de dubbel-lp met vier zijden, zoals die in 1978 uitkwam) zingt een koor de naam ‘Diana’ meermaals. Op kant drie zingt Maddy Prior van Steeleye Span het gedicht ‘Hiawatha’ van de Amerikaanse dichter Henry Wadsworth Longfellow. Ook hier in de eerste regels al de maan:

By the shores of Gitche Gumee,
By the shining Big-Sea-Water,
Stood the wigwam of Nokomis,
Daughter of the Moon, Nokomis.
Dark behind it rose the forest,
Rose the black and gloomy pine-trees,
Rose the firs with cones upon them;
Bright before it beat the water,
Beat the clear and sunny water,
Beat the shining Big-Sea-Water.

Dan komt op kant vier dus nog de ‘Ode to Cynthia’, ode aan de maan/vrouw. Het is moeilijk te beoordelen wat voor waarde Mike Oldfield hechtte aan de literaire betekenis van zijn album, of wat hij er mee wilde uitdrukken. Mijn inschatting is, dat Oldfield vooreerst een muzikaal statement wilde maken en dat hij greep naar ‘iets literairs’ om zijn hoge ambities mee te onderstrepen. Had hij een ode aan de vrouw willen maken, had hij dat wel iets uitgesprokener en persoonlijker kunnen doen.

This entry was posted in Geschiedenis, Music. Bookmark the permalink.